Probleem of thema opstelling

Met een kleine opstelling kan ik je helpen bij zaken waar je tegenaan loopt, die je lastig vindt, patronen die je herkent van jezelf. Dat is geen therapie, maar kunnen losse momenten van inzicht of bevrijding zijn in een situatie. Vaak denken we er niet aan om zoiets te doen, omdat het onderdeel is van ons bewustzijn en wie we lijken te zijn. We kennen allemaal het verschijnsel in een emotie of gedachte vast te zitten en er niet of nauwelijks voor een tijdje uit te kunnen komen. Dat is dan iets dat aandacht vraagt. Een opstelling kan daarbij helpend zijn. Je gaat dan zelf opstellen en invoelen. De basis opstelling is die van het thema, jijzelf (‘ik’) en het innerlijke kind. Dit kan bij mij thuis of online. Als de opstelling online gebeurt, zorg dat je vellen papier en een pen erbij hebt, eventueel vijf tot zeven steentjes, en dat je alleen bent en niet gestoord wordt. Je mag contact met me opnemen als je dit wenst. Er zijn geen kosten aan verbonden.

 

Voor wie niet weet waar ik over spreek omdat je niet bekend bent met het verschijnsel opstellingen:

In een opstelling wordt door iemand een energie tot uiting gebracht door wat deze aangeeft dat hij of zij voelt en ervaart, door wat deze zegt, hoe die beweegt, kijkt, alles is van belang. Dit doet iemand vanuit een toestand van openheid, zonder vooropgezette meningen, ideeën of verwachtingen. In feite kun je bij opstellingen spreken over een lichte vorm van trance.

Familie opstellingen en andere systemische opstellingen winnen snel aan populariteit. Het is een zeer geschikte en eenvoudige methode om wat onbewust is, bewust te worden en/of in beweging te brengen.

De energie die opgesteld wordt kan van alles zijn. Dat kunnen mensen zijn, dat kunnen zijn ieder denkbaar thema of problematiek, lichaamsdelen en subtiele lichamen, enzovoort. Bij mensen is toestemming nodig, tenzij voor de opstelling dringende of goede redenen zijn vanuit hulp, nood, in de knel zijn en dergelijke. Onderlinge verhoudingen verhelderen om er beter mee om te kunnen gaan, dat is oké. Of de ander beter gaan begrijpen om meer compassie te kunnen opbrengen. Dan mag men helpen in opstellingen. Een nood kan ook in het verleden liggen, want een mens kan deze ervaringen met zich meedragen en dat kan in het nu geheeld worden. Daarom mag een mens altijd zijn of haar ouders opstellen om zichzelf beter te leren kennen en de verhoudingen waarin hij of zij is opgegroeid. Dat mag zijn voor heling en verwerking, voor persoonlijke groei en bewustwording. Ook daarvoor hoeft geen toestemming te worden gevraagd. In een opstelling wordt dat deel van een persoon opgesteld dat betrekking heeft op die situatie, niet iemand op zich.

Als wij samen een opstelling doen ben je zelf de opsteller van iedere energie die wordt opgesteld. Daarom zal het altijd kleine opstellingen betreffen. Het vraagt om vertrouwen en je gewoon maar beginnen uit te spreken in wat je waarneemt, en dat niet gek vinden of denken dat het niks is. Even niet oordelen. Dat is eigenlijk het lastigste, het oordeel erover. Dat blokkeert want daarmee zijn we direct uit contact.

Het voordeel van zelf opstellen is dat je de energieën echt voelt. Dat is iets anders dan erover horen of ernaar kijken bij het opstellen door iemand anders, wat afstandelijker is. Zelf ervaren heelt krachtig. Het gebeuren moet dan wel mogelijk zijn binnen een kleine opstelling, anders is een andere setting beter.

In een opstelling hoeven dingen die naar voren komen niet opgelost te worden. Dat kan gebeuren maar dat is zeker geen must. Het aanraken van de energieën door ze naar voren te laten komen in een opstelling, is voldoende om een beweging in gang te zetten in iets dat vast zit. Het gaat om achterliggende energieën, subtiele energieën, wat niet direct zo waarneembaar is. Wanneer daarin door stroming en beweging verandering komt, hebben die de tijd nodig om door te werken in iemands gevoel, ervaring en gedrag.

Dus stel je hebt een thema, bijvoorbeeld stress. Natuurlijk zullen we eerst kijken of het om een bepaalde situatie gaat, maar het kan zeker ook gewoon in het algemeen. Dat zal worden opgesteld. Daarnaast worden ook opgesteld ‘ik’, dat ben jij zelf, en jouw innerlijke kind. Dan zal ik jou vragen drie vellen papier te pakken, op één te schrijven: stress, op een ander: ik, en op het derde: innerlijk kind. En ik zal jou vragen op ze alle drie meteen ook een pijl te tekenen, een willekeurige pijl. Dan vraag ik jou de drie vellen op de grond te leggen zonder erbij te denken. En daarna vraag ik jou op het papier ‘ik’ te gaan staan, met je gezicht in de richting van de pijl. Dan mag je gaan vertellen, langzaam aan, in alle rust, wat je ervaart en voelt, wat in je opkomt (wat je wilt zeggen natuurlijk). Dat heeft tijd nodig. Dat doe je rustig en zorgvuldig. Je gaat na wat je fysiek en van binnen gewaar wordt. Vervolgens zijn ook vragen van belang als: welke kant kijk je op? Zie je het papier met het innerlijke kind? Zie je het papier met stress erop? Liggen die ver van jou vandaan? Of juist heel dichtbij? Alles telt. Als dat voldoende is uitgewerkt en je hebt het gevoel dat er verder geen nieuwe dingen meer naar voren gaan komen, stel ik voor dat je op het papier van jouw thema gaat staan, en hetzelfde doet. Of misschien vraag ik je wat jij nu wenst te doen. Misschien wil je helemaal nog niet aan de stress en ga je liever naar jouw innerlijke kind. Misschien heb je zelf op een bepaald moment gevoeld waar je heen wilt en heb je dat initiatief al genomen. Steeds geldt: je staat met jouw gezicht in de richting waar de pijl naar wijst. Je neemt jezelf de tijd en gaat langzaam na wat je ervaart en wat in je opkomt. En zo gaat het door. Heen en weer van het ene papier naar het andere, weer terug, door naar het derde papier… En overal goed de tijd voor nemen om echt te voelen en erbij stil te staan. Zo gaat zich iets ontvouwen. Vanuit die bewegingen gebeurt van alles. Als je op een gegeven moment de behoefte voelt op een papier een andere kant op te gaan kijken, dan draai je het papier met de pijl die kant op en kijk je van daaruit weer verder. Ik ben erbij om jou vragen te stellen, om voorstellen te doen, maar vooral om jou zelf veel te laten ervaren.

Ik vraag ook graag: hoe oud ben je? Dan zeg je wat in je opkomt. Wanneer je een kinder leeftijd of een puber leeftijd aangeeft, vraag ik je een papier met je moeder en een papier met je vader erbij te maken, ook weer met pijl, en ook die willekeurig ergens op de grond te leggen. Wanneer een van beiden (of beiden) geheel ontbreekt (ontbreken), maak je eventueel een papier met die van een andere opvoeder. Ik zal het hier vader en moeder blijven noemen voor het gemak. Je bepaalt op welk papier je eerst wilt gaan staan: dat van je vader of dat van je moeder, maar je gaat ze allebei na. En ook van daaruit weer terug naar het ik, het thema, het innerlijke kind. Als je een keer even pas op de plaats wilt maken, ga je naar het papier met het ik erop.

Op deze manier ontvouwen zich patronen en worden onderliggende energieën zichtbaar. Dat werkt. Dat is opstellingen.

Nergens hoeft de vraag gesteld te worden naar het waarom, waarom je iets voelt of ervaart. Nergens hoeft de vraag gesteld te worden om er meer over te vertellen. Er hoeven geen geschiedenissen verteld te worden. Het gaat om de ervaringen in het hier en nu van de opstelling. Daar kunnen wel beschrijvingen van gebeurtenissen bij zitten als dat in je opkomt en je dat wilt vertellen.

Zelf gebruik ik in zo’n situatie graag steentjes. Dan leg ik op ieder papier een steentje, en pak ik dat steentje op als ik ga invoelen. Maar dat hoeft zeker niet.

Ik hoop dat ik jou zo een indruk heb kunnen geven hoe ik werk en wat je kunt verwachten bij een kleine opstelling. In de vorm van de opstellingen kunnen natuurlijk altijd wijzigingen worden aangebracht, want van alles is mogelijk op te stellen en soms is de driedeling thema, ik en innerlijk kind niet de geschikte opstellingsvorm.

Maak jouw eigen website met JouwWeb